Jolien van Aar: “Home-Start biedt ouders duurzame verbetering…“

Jolien van Aar: “Home-Start biedt ouders duurzame verbetering…“

Jolien van Aar

Jolien van Aar, onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam, heeft het project Home-Start Amsterdam 10 jaar lang gevolgd en de effecten onderzocht. Tijdens het mini-symposium in het kader van het 10-jarig bestaan van Home-Start Amsterdam was zij een van de sprekers. Uit haar onderzoek blijkt, dat Home-Start ouders een duurzame verbetering van de competentiebeleving bied. Anders gezegd: ouders voelen dat zij – na te zijn geholpen door een Home-Start vrijwilliger – weer in staat zijn het gezin te kunnen runnen en dat zij weer meer van de opvoeding van hun kind(eren) kunnen genieten.

Jose Koster

Spreker Jose Koster, Home-Start trainster, benadrukte in haar relaas, dat de kracht van Home-Start zit in het ‘gewoon zijn’ van de vrijwilligers in de gezinnen en het ‘delen van ervaring van mens tot mens’. Het is praktisch en vriendschappelijk, er is geen oordeel of professionele dwang.

Sofie Vriends

Sofie Vriends van het Nederlands Jeugd Instituut vertelde op het symposium dat Home-Start een van de meest succesvolle maatjesmethodieken in ons land blijkt te zijn. Maatjesprojecten als Home-Start passen goed in de gedachte van de civil society. Enerzijds omdat projecten mikken op participatie en zelfredzaamheid. Anderzijds omdat burgers zelf verantwoordelijkheid nemen voor de samenleving en een deel van hun tijd vrijwillig inzetten om de andere te helpen.

Naast voornoemde sprekers was er ook nog een demonstratie van mindfullness voor ouders met stressklachten. Een onderdeel dat ook ingezet kan worden als ouders dat willen. De Home-Start Amsterdam medewerkers van Combiwel kijken met plezier terug op een geslaagd mini-symposium.

home-start-symposium3 home-start-symposium1home-start-symposium2-jose-koster

10 jaar Home-Start Amsterdam

10 jaar Home-Start Amsterdam

home-start-in-artis

De Viering van 10 jaar Home-Start in Amsterdam vond op 7 september 2016 plaats. Meer dan 350 ouders, kinderen en vrijwilligers hebben we getrakteerd op een dagje Artis. De 22 medewerkers en vrijwilligers hebben deze dag tot een geweldig feest gemaakt voor de gezinnen die door een vrijwilliger van Home-Start worden ondersteund. Per jaar zijn het ruim 250 gezinnen die ondersteuning en vriendschap van een Home-Start vrijwilliger krijgen. De ervaring leert, dat ouders daardoor weer meer plezier krijgen in het opvoeden van hun kind(eren).
Klik hier voor meer informatie over Home-Start bij Combiwel.

Nu blijkt ineens: taalles voor jonge kinderen werkt dus wél

Interview Paul Leseman, hoogleraar orthopedagogiek Utrecht. Lang werd gedacht dat taalles op peuterzalen amper zin had. Nu blijkt uit nieuw onderzoek dat een kind in vier jaar een achterstand tot de helft inloopt.

Op een speelzaal leren peuters spelenderwijs Nederlands spreken en begrijpen. Foto Patrick Post

Eindelijk is er duidelijkheid: voor- en vroegschoolse educatie (VVE) heeft zin. Jarenlang was er veel pessimisme; kinderen met een taalachterstand zouden weinig hebben aan de educatieve programma’s op kinderdagverblijven en peuterspeelzalen. Maar het tegendeel blijkt nu waar.

Staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs, VVD) liet drie onderzoeken uitvoeren naar de effectiviteit van VVE in Nederland. De studies werden gedaan door het CPB, de Universiteit Twente, en de Universiteit Utrecht in samenwerking met het Kohnstamm Instituut. Die laatste twee voeren een zogenoemd cohortonderzoek uit waarbij zij verschillende groepen kinderen over een langere periode (van 2 tot 12 jaar oud, de kinderen zijn inmiddels 6) volgen. De uitkomsten zijn positief, vertelt Paul Leseman, een van de hoofdonderzoekers en hoogleraar orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht. „Kinderen lopen in vier jaar een achterstand tot de helft in.”

Er zijn eerder wetenschappelijke onderzoeken gedaan naar de effectiviteit van VVE, daar kwamen geen positieve resultaten uit. Nu wel, hoe kan dat?

„Voorheen keken onderzoekers naar het niveau van kinderen uit groep twee of drie van de kleuter- of basisschool, die een VVE-programma hadden gevolgd. Maar de onderzoekers stelden nooit een beginniveau vast. Zodoende werden kinderen met verschillende taalachterstanden met elkaar vergeleken. Dat leverde geen goede inzichten op. En de conclusie was steevast dat de kinderen met VVE het niet beter deden dan kinderen zonder VVE.

Wij hebben het nu anders aangepakt, en we volgen kinderen vanaf hun tweede levensjaar, ze zijn nu 6. En dan zien we dat ze op, zeg maar -10 beginnen en na vier jaar op -5 zitten. Dat is nog steeds een achterstand, maar wel een minder grote achterstand. En daarom kun je zeggen dat de programma’s wél zin hebben.”

Het is dus effectief, maar nog niet op het hoogst haalbare niveau?

„Dat klopt. Maar laat ik eerst zeggen dat de kinderen die VVE nodig hebben, het ook écht krijgen. En dat de programma’s inhoudelijk ook erg goed zijn. Maar er valt op een aantal fronten nog wel wat te halen. Zo zou de leeftijd waarop de kinderen met een achterstand naar de opvang of de peuterspeelzaal komen, vervroegd kunnen worden. Naar bijvoorbeeld 1,5 of 2 jaar in plaats van 2,5. Bovendien zou het aanbod van de educatieve programma’s veel intensiever kunnen. Nu besteden leidsters [het zijn vooral vrouwen] er 10 uur per week aan, dat is niet heel veel. En alles valt of staat bij de professionaliteit van de leidsters.”

De kritiek was vaak dat groepsleiders niet altijd voldoende zijn opgeleid.

„De professionaliteit van de leidster is doorslaggevend. En daar kan nog veel beter op ingezet worden. Wat erg belangrijk is, is dat medewerkers zich een VVE-programma echt eigen maken. Dat ze niet een methode mechanisch uitvoeren, een kwartiertje per dag. Maar dat ze het overdragen van de taal tot in hun vezels voelen. Dat ze bijvoorbeeld tijdens etenstijd niet opeens het programma uit hun handen laten vallen. Maar dat ze een gesprek blijven voeren met de kinderen. Dus als er druiven op het menu staan, kan de leidster vertellen welke kleur het fruit heeft en waar de druiven groeien.”

Uit jullie onderzoek blijkt dat hoe meer achterstandskinderen er in een groep zitten, hoe meer ze leren. Hoe kan dat?

„Waarschijnlijk heeft dat ermee te maken dat leidsters er meer werk van maken als meer kinderen een taalprobleem hebben. En dat brengt ons tot een dilemma; vaak werd er gezegd dat mengen juist goed is; kinderen met en zonder achterstand bij elkaar. Dat optrek-effect is er, maar minder groot dan gedacht.”

Juliette Vasterman
Bron

Echte boer las voor op nationale voorleesdagen

Echte boer las voor op nationale voorleesdagen

Onze Combiwel voor kinderen locaties deden weer mee aan de Nationale Voorleesdagen, dit jaar met het prentenboek ‘We hebben er een geitje bij!’. Hier de foto’s en een verslag van VVE Olleke Bolleke.

Boerenoverall, klompen, hoed en een zakdoek om zijn nek

“Helaas dit jaar geen Burgemeester op voorleesvisite bij VVE Olleke Bolleke, maar wel een echte boer die kwam voorlezen. Hij had een echte boerenoverall, klompen, hoed en een zakdoek om zijn nek. De kinderen waren geboeid aan het luisteren en ‘hielpen’ de boer met het benoemen van de dieren en welke geluiden deze dieren maken. Bovendien weten de kinderen ook dat een paard benen en een hoofd heeft. In de klas was een heuse boerderij gemaakt met hooi, aardappelen, winterpenen, uien, takken en natuurlijk kruiwagens om alles te vervoeren. Op de gang staat de zandbak en daar zaten ook allemaal dieren, zand en water in. De kinderen konden veel ontdekken: voelen, ruiken, horen en dan ook nog een lekker ontbijtje proeven in je pyjama of nachtjaponnetje.
Het was weer een superleuke dag voor de kinderen, maar ook voor de leidsters, want ik heb er zelf ook weer van genoten.

Volgend jaar weer!
Paulien Smit

Echte boer las voor op nationale voorleesdagenEchte boer las voor op nationale voorleesdagenEchte boer las voor op nationale voorleesdagenEchte boer las voor op nationale voorleesdagenEchte boer las voor op nationale voorleesdagen

Combiwel de Vuurvogel over SER advies in RTL Nieuws

Combiwel de Vuurvogel over SER advies in RTL Nieuws

Onze VVE locatie De Vuurvogel (peutercombi) was prominent in het RTL Nieuws. Wanda Bosbaan van De Vuurvogel reageert voor de RTL camera op een advies van de Sociaal Economische Raad (SER). Hierin staat dat het belangrijk is te investeren in de ontwikkeling van het jonge kind en dat kinderen vanaf twee jaar 16 uur per week naar de opvang moeten kunnen. Het SER advies is door onze organisatie ontvangen als hart onder de riem. In Amsterdam is Combiwel voor kinderen een van de organisaties die het gedachtegoed van het SER advies in praktijk brengt, met goede resultaten en toenemende waardering van o.a. de inspectie, de ouders en onze opdrachtgevers.

Klik hier voor het achtergrondartikel over het SER advies op de website van RTL Nieuws.

Bekijk hieronder het filmpje van het item in het RTL Nieuws d.d. 21 januari 2016.

Marianne al 45 jaar peuterleidster - een interview

Marianne al 45 jaar peuterleidster – een interview

Marianne al 45 jaar peuterleidster - een interview

In 1970 begon Marianne Oversier (64) als groepshulp op de tweede Openluchtschool Amsterdam (OLS2), daarna werd ze al snel peuterleidster en nu is ze al een tijdje Voorschoolleidster. Al 45 jaar lang op de peutergroep van dezelfde school en na al die jaren nog even enthousiast. Een rots in de branding voor ouders en peuters, een echte juffrouw in haar doen en laten. Reden voor een verrassingsfeestje op donderdag 18 juni. Lees meer